Koffiekar Wijkbakkie: ‘Bewoners die elkaar normaal gesproken voorbijlopen raken met elkaar in gesprek’
Met het Wijkbakkie zetten wijkconciërges in Dordrecht-West een eenvoudige maar doordachte aanpak in: een mobiele koffiekar die bewust wordt geplaatst op ogenschijnlijk saaie publieke ruimtes in de wijk, zoals pleinen en bij wooncomplexen. Wijkbakkie brengt bewoners, die elkaar misschien normaal gesproken voorbijlopen, met elkaar in gesprek. Inmiddels is het Wijkbakkie uitgegroeid tot een terugkerende en herkenbare interventie, met jaarlijks zo’n vijftig tot zeventig edities.
André en Johan zijn de drijvende krachten achter het Wijkbakkie. André is werkzaam als wijkmanager in Krispijn, één van de wijken in Dordrecht-West; Johan werkte daar al als wijkconciërge in Dordrecht-West. Samen bouwden zij de afgelopen jaren aan een aanpak met een mobiele koffiekar die draait om laagdrempelig ontmoeten in de openbare ruimte. Door midden in de wijk te staan, nodigen zij bewoners uit om elkaar te ontmoeten. ‘We hebben een saaie publieke ruimte en het is heel interessant om die te onderbreken’, vertelt wijkmanager André.
‘Sommige ontmoetingsplekken roepen weinig nieuwsgierigheid op’
Het idee voor het Wijkbakkie ontstond vanuit onvrede over bestaande vormen van buurtontmoeting. In Krispijn werden al wijkterrassen georganiseerd met statafels en kannen koffie, maar André zag dat deze vorm weinig nieuwsgierigheid opriep. André: ‘Als bewoner zou ik er zo langs lopen, want het trekt me niet aan. Je miste mensen die nieuwsgierig kwamen kijken naar wat er op die plek gebeurt.’ Juist de mensen die niet vanzelf aansluiten, werden op deze manier niet bereikt. Samen met Johan en de buurtwerkers begon André te zoeken naar een manier om ontmoeting aantrekkelijker en inclusiever te maken. Volgens Johan ligt de kern van Wijkbakkie juist in het prikkelen van die nieuwsgierigheid: ‘De basis van het Wijkbakkie is nieuwsgierigheid naar een plek. Vanuit die nieuwsgierigheid ontstaat ontmoeting.’

De oplossing kwam in de vorm van een mobiele koffiekar: het Wijkbakkie. In eerste instantie zonder budget van het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV), maar met middelen uit het wijkbudget. Met steun van collega’s, onder wie de programmadirecteur van het programmabureau van Dordt-West, ontstond ruimte om het idee verder te ontwikkelen. Johan richtte zich enerzijds op de praktische kant: de koffiemachine, de uitstraling en het ontwerp van de kar. Anderzijds was hij ook betrokken bij de morele en sociale identiteit van Wijkbakkie.
Vanaf het begin stond één principe centraal: laagdrempelig ontmoeten. Iedereen is welkom, ook als je alleen een gratis kop koffie of chocomel haalt en weer doorloopt. Johan: ‘Ook al praat je niet mee, je bent welkom. Alles wat eromheen zit, is extra. Het Wijkbakkie moest aanvoelen als een huiskamer op straat, niet als een loket of informatiepunt.’
Een verbindend kopje koffie
In de afgelopen jaren zijn er ruim 120 Wijkbakkie-sessies georganiseerd. Soms klein en spontaan, soms groter en thematisch, zoals tijdens het Krispijn Festijn, rond feestdagen of experimentele edities met theater of muziek. Het Wijkbakkie wordt ook ingezet bij bredere vraagstukken zoals verduurzaming, veiligheid en gezondheid. De grootste opbrengst zit volgens André en Johan niet in cijfers, maar in relaties. ‘Data zegt niet alles,’ zegt Johan. ‘Negen van de tien mensen die je spreekt, groeten je later opnieuw of raken weer met elkaar in gesprek. Ouders blijven langer bij activiteiten van hun kinderen als ze zelf even koffie kunnen drinken. Bewoners voelen zich gezien en gehoord, wat bijdraagt aan meer zelfvertrouwen en mondigheid. Juist in wijken waar dat onder druk staat.’
Waardevolle signalen
Voor professionals biedt het Wijkbakkie waardevolle signalen over wat er leeft in de wijk. Signalen of vragen komen spontaan boven tafel en kunnen, als de juiste bewoners of professionals aanwezig zijn, direct worden opgepakt. Johan: ‘Het gesprek levert heel veel signalen in de wijk op. Wijkbakkie biedt een platform en zichtbaarheid voor de thema’s die belangrijk zijn in de wijk. Belangrijk is dat de thema’s echt starten vanuit de wijk en de bewoners.’ Een bewoner benoemt ook specifiek het bij elkaar brengen van bewoners die normaal gesproken niet met elkaar in contact komen: ‘Het brengt bewoners, die elkaar misschien normaal gesproken voorbijlopen, met elkaar in gesprek.’
Door samen iets te doen – bijvoorbeeld meteen iemand bellen met een vraag – ontstaat het gevoel dat je er niet alleen voor staat.Johan
Betekenisvolle ontmoeting
In de Dordtse wijk Krispijn stond het Wijkbakkie eens bij een woning waar sprake was van psychische problematiek en middelengebruik. Juist daar kwamen mensen langs die normaal buiten beeld blijven. André: ‘Dat zijn gasten die je daar normaal nooit treft en die nu chocomel komen halen.’ Ze maakten een praatje en voelden zich welkom. Sommigen vroegen wanneer het Wijkbakkie weer zou terugkomen en bleven contact houden. Het laat zien dat zelfs een klein gebaar, zoals samen koffiedrinken, kan leiden tot een betekenisvolle ontmoeting. André: ‘Ze refereren aan die positieve ontmoeting, ook al is het maar een chocomel.’ Johan benadrukt hierbij het belang van goed gastheerschap. Je brengt mensen bij elkaar die elkaar soms kennen, soms vermijden. Door samen iets te doen – bijvoorbeeld meteen iemand bellen met een vraag – ontstaat het gevoel dat je er niet alleen voor staat. Johan: ‘Minder doorgeven, ‘je kunt die bellen!’. Meer samen even iets doen: ‘kom, we gaan die samen bellen!’.’
Uitdagingen: capaciteit en continuïteit
De grootste uitdaging is de capaciteit. Het Wijkbakkie wordt nu vooral gedragen door Johan en de andere wijkconciërges, wat intensief is. Ook financieel vraagt het steeds opnieuw afwegingen: wat is haalbaar, en met welk doel sta je waar? Daarnaast blijft het zoeken naar balans tussen thematische inzet, zoals verduurzaming, en het behouden van de eigen identiteit van het Wijkbakkie met de focus op laagdrempelige ontmoeting. André: ‘Het moet wel het Wijkbakkie blijven.’

Veerkracht groeit dichtbij huis
Beiden betrokkenen zijn trots op de sfeer, creativiteit en betrokkenheid rondom het Wijkbakkie, maar zijn zich ook bewust van hun eigen belastbaarheid. Johan: ‘Het is gezellig en sfeervol, maar er zit ook heel veel werk achter.’ De belangrijkste les voor de toekomst is nabijheid: ontmoeten hoeft niet in een buurthuis, maar kan juist op straat, dicht bij huis. Dat vergroot het bereik en maakt de gemeente zichtbaar op een menselijke manier. André: ‘Als het dichtbij is en je loopt erlangs, haak je makkelijker aan.’
Voor de doorontwikkeling ziet Johan kansen om het ontwerp van Wijkbakkie nog sterker te verbinden aan de identiteit van de wijk zelf. ‘Creatieve wijkbewoners kunnen hier vorm aan geven, bijvoorbeeld met kunstwerken, gedichten en bestickering.’
Wie zelf wil starten met een vergelijkbare aanpak, moet volgens André en Johan zorgen voor een stevige basis. Investeer in goede materialen, een degelijke kar en professionele apparatuur. André adviseert: ‘Ga niet voor een dubbeltje op de eerste rang zitten.’ Dankzij de middelen vanuit het NPLV kan Wijkbakkie als katalysator worden ingezet. Johan: ‘De vraag voor de toekomst blijft hoe we dit duurzaam ontwikkelen, ook financieel.’ André vult aan: ‘Wat vaststaat, is dat het veel duurzamer is om vanuit nieuwsgierigheid mensen laagdrempelig te betrekken.’
Meer weten?
Meer weten over Wijkbakkie? Download de interventiebeschrijving.
Dit artikel maakt deel uit van een reeks interventiebeschrijvingen behorend bij de Agenda Veerkrachtige en Weerbare Samenleving. Lees ook de andere praktijkverhalen.
Bewoners Middellaan Breda: ‘Dit is geen veerkrachtproject, dit is hoe we samenleven’
Nieuwe monitor onthult voortgang in Kansrijke Wijken